09/09/2026
Mag ik even ernstig openen.
“Ching chang chong” ("ccc") is geen onschuldige klanknabootsing, maar een raciale karikatuur met een lange geschiedenis. Aziatische mensen zijn in het Westen eeuwenlang voorgesteld als vreemd, exotisch, primitief of bedreigend.
In de negentiende en twintigste eeuw kreeg dat vorm in het beeld van de 'Yellow Peril'. Het 'Gele Gevaar' leidde in de VS onder meer tot de Chinese Exclusion Act van 1882, een wet die de immigratie van Chinese arbeiders verbood en Chinese immigranten juridisch discrimineerde.
De karikatuur vandaag staat natuurlijk niet één-op-één gelijk aan die historische discriminatie van Aziaten, maar komt wel voort uit een traditie waarin we als 'minder waard' en 'rariteit' werden voorgesteld en zo in een stereotype zijn opgesloten.
Racisme moet daarom niet uitsluitend worden beoordeeld vanuit de intentie van één individu. Structureel racisme zit juist in de herhaling en normalisering van zulke beelden.
Het hoeft niet te bestaan uit openlijke haat, maar kan schuilgaan in alledaagse stereotypen: Aziaten nadoen met 'ccc', spleetogen met de vingers trekken, Aziatische mannen als onaantrekkelijk en vrouwen als exotisch en onderdanig voorstellen. Ook het beeld van Aziaten als stil, gehoorzaam en goed in wiskunde lijkt positief, maar duwt ons in een vast patroon.
Niet iedereen die zo’n stereotype gebruikt, is bewust racistisch. Toch verdwijnt het stereotype niet omdat iemand zegt dat het 'maar een grap' was. Zelfs niet als er excuses worden aangeboden.
Bij racisme speelt de specifieke historische lading. Het probleem is niet dat iedere ongelukkige uitspraak meteen bewijs van individueel racisme vormt. Het ontstaat wanneer dezelfde groep steeds opnieuw tot dezelfde karikaturen wordt gereduceerd en vervolgens wordt beweerd dat daar niets achter zit omdat het humor is.
Daar wordt 'woke' een politiek instrument. Kritiek op overdreven identiteitsdenken is legitiem, maar zodra het label wordt gebruikt om mensen die discriminatie aanklagen bij voorbaat verdacht te maken, ontwijkt het de inhoud van hun kritiek. De vraag of hier sprake is van een stereotype en waar het vandaan komt, wordt dan vervangen door 'zijn dit niet gewoon hysterische woke mensen?'
Cultuurstrijd is voor extreemrechts geen randverschijnsel, maar een belangrijk politiek instrument. Door migratie, feminisme, antiracisme en LGBTQ+-rechten als onderdelen van één 'woke'-agenda voor te stellen, wordt een vijandbeeld gecreëerd: aan de ene kant de 'gewone mensen', aan de andere kant een vermeende progressieve 'elite' die hen zou willen opleggen wat ze moeten denken en zeggen. Bijna letterlijk het argument dat FabioW gebruikt om zijn 'muziekwerkje' te reposten met de titel 'ching chang chong'.
Onderzoek naar Europees en Vlaams anti-woke-discours laat zien dat in veel cases de aandacht verschuift van de discriminatie zelf naar degenen die discriminatie aanklagen. Racisme is dan niet meer het probleem dat onderzocht moet worden, het probleem is de zogenaamde 'woke'-reactie erop. Dit mechanisme wordt onder meer beschreven in onderzoek naar anti-woke-discours in Vlaanderen en Nederland, waarin Bart De Wever als een prominente rechtse speler wordt genoemd die het debat over woke vormgeeft.
Ook Bart De Wever heeft 'woke' expliciet tot onderdeel van zijn politieke discours gemaakt. In een interview zei hij letterlijk: “Woke is een wraakbeweging die van de witte westerling eist dat hij zich voor alles excuseert.” Ook VRT NWS documenteert zijn uitspraak dat woke “een wraakbeweging tegen alles wat de westerse landen ooit hebben misdaan” is. De Wever koppelde dat aan wat volgens hem een bredere aanval op westerse waarden en zekerheden is.
Ook de Belgische wet behandelt racisme niet als louter een kwestie van 'persoonlijke gevoeligheid'. De Antiracismewet van 30 juli 1981 verbiedt bepaalde vormen van discriminatie op grond van onder meer afkomst, nationale of etnische afstamming, huidskleur en nationaliteit, en stelt bepaalde vormen van aanzetten tot discriminatie, haat of geweld strafbaar. Dat maakt niet iedere beledigende uitspraak strafbaar, maar toont wel aan dat racisme een maatschappelijk en juridisch probleem is. Met het nieuwe Strafwetboek verandert daar niets aan.
Daarom blijft het van de pot gerukt dat men zegt: “Hij bedoelde het niet racistisch, dus er is geen racisme.” Intentie en maatschappelijke betekenis zijn twee verschillende zaken. Je kunt erkennen dat iemand geen racistische bedoeling had en tegelijk vaststellen dat hij een historisch stereotype reproduceert. Hetzelfde geldt voor klassisme: iemand hoeft niet bewust alle arbeiders te minachten om hun accent toch als teken van domheid te gebruiken.
De kern is dus niet 'woke versus niet-woke', maar de vraag waarom bepaalde groepen steeds het voorwerp zijn van dezelfde karikaturen? Waarom worden die zo gemakkelijk als humor aanvaard? En waarom wordt degene die bezwaar maakt vervolgens zelf tot het probleem gemaakt?
Niet iedere grap moet verboden worden en niet iedereen die een fout maakt, moet als racist worden gebrandmerkt. Maar wie structureel racisme serieus neemt, moet verder kijken dan individuele intenties en ook geschiedenis, machtsverhoudingen, patronen en gevolgen onderzoeken. En die meenemen in zijn denken en gedrag. Want anders blijft structureel racisme bestaan, terwijl iedereen beweert dat het probleem allang voorbij is.
De rol van de grote media is daarbij bedenkelijk. Bij de eerste reacties op FabioW was er vooral op sociale media tumult. Pas nadat FabioW het nummer eerst offline haalde, zich verontschuldigde en het vervolgens opnieuw online zette - zelfs met de titel Ching Chang Chong en een expliciete verwijzing naar 'woke' en de vrijheid van meningsuiting - kreeg de kwestie ruime aandacht in de mainstreammedia.
Daardoor veranderde ook de toon van het verhaal. Niet de vraag waarom een eeuwenoud raciaal stereotype nog altijd wordt gebruikt, maar een mediageniek conflict tussen een rapper en zijn critici werd het nieuwsverhaal: tussen 'woke' en 'vrije meningsuiting', tussen gekwetst zijn en 'tegen een st***je kunnen'. Het 'stuk' gleed van de rubriek cultuur naar nieuws. Want het levert televisie, clicks en debat op. En het weze een zorg of tegelijk de structurele dimensie naar de achtergrond verschuift.
Onderzoek naar Vlaamse televisieberichtgeving over discriminatie toont dat nieuws vooral directe vormen van discriminatie rapporteert. De studie van KU Leuven-onderzoekers over Vlaamse televisie benadrukt bovendien dat intersectionele en systemische aspecten van discriminatie vaak onvoldoende worden belicht.
De media maken veel te vaak een racistisch incident groot en laten tegelijk het structurele racisme waartegen het protest gaat uit beeld. Het 'incident' is nieuws omdat er een rel is, omdat iemand excuses maakt, die intrekt, omdat er een 'woke'-tegenreactie komt, of omdat twee kampen simplistisch tegenover elkaar kunnen worden gezet. De verontwaardiging wordt zo zelf het nieuws. De vraag waarom bestaat dit stereotype nog altijd? maakt plaats voor de vraag mag FabioW dit zeggen?
En wanneer het debat vervolgens in talkshows wordt gereduceerd tot 'woke versus vrije meningsuiting', kan een programmamaker die racisme wil bespreken (onbedoeld) precies het kader versterken waarin racisme vooral een cultuurstrijd wordt, en minder een maatschappelijk probleem van discriminatie.
In de strijd om dé talkshow is dit voor de mainstreammedia: gefundenes Fressen.
(Door: Ng Sauw Tjhoi)
Lees het hele artikel hieronder.
De discussie rond 'FabioW' kantelt in een debat over een rapper met een provocerende tekst die het zwijgen wordt opgelegd. En dat is minstens zorgwekkend.