31/10/2025
Waterkwaliteit en doorzicht in de Berendonck
De Berendonck is een plas van 6 hectare met een diepte tot 17 meter. Duikers merken dat het zicht onder water slecht is, vooral bij het onderwaterhuis. Onderzoek van Wageningen Universiteit (WUR) in 2002/2003 en 2023/2024 laat zien dat het water troebeler is geworden. De hoeveelheid algen en fosfaat is sterk toegenomen, waardoor het zicht afneemt.
Het meer was vroeger voedselarm, maar raakt steeds voedselrijker. Dat komt door het vrijkomen van stoffen uit het slib, neerslag uit de lucht en invloed van het golfterrein. In de diepste delen hoopt slib zich op. Duikers wervelen dit op, waardoor het lang in het water blijft zweven. Ook algen en micro-organismen maken het water tijdelijk troebel.
De WUR onderzocht manieren om het zicht te verbeteren. Chemische behandelingen met PAC of Phoslock® kunnen tijdelijk helpen, maar zijn duur en werken maar enkele jaren. Daarom wordt gekozen voor natuurlijke oplossingen die langer effect hebben.
De werkgroep adviseert drie maatregelen:
1. Slib verwijderen rond het onderwaterhuis om het zicht te verbeteren en meer ruimte te creëren voor planten en dieren.
2. Omgeving en waterdoorstroming verbeteren, bijvoorbeeld door bladval te verminderen en te kijken naar betere wateruitwisseling tussen plassen.
3. Biologisch beheer stimuleren, zoals een proef met een mosselflat en samenwerking met de visvereniging om de visstand te verbeteren.
De werkgroep WUR Onderzoek Berendonck wordt omgevormd tot een Werkgroep Waterkwaliteit. Deze nieuwe groep werkt samen met partners aan een structurele aanpak voor schoner, helderder en gezonder water in de Berendonck.